foto: Willem Corsius

Gwendolyn van Essen maakt tekeningen, schilderijen, grafiek, foto’s en installaties.
De kunstenares woont in Groningen en werkte jarenlang in diverse ateliers waaronder in Groningen, Assen, Zuidhorn en een middeleeuwse kerk in Noord Friesland.

‘Opgegroeid in Noord Drenthe is er een verlangen zich te laten inspireren door de mysterieuze verstilling van deze provincie en het schitterende landschap.’

De kunstenaar houdt zich van jongs af aan bezig met kijken naar dingen om zich heen, daarover te dromen en daar iets mee te doen. Haar kunst is een ontwikkeling en een zoektocht. Het gaat over levensvreugde, liefde voor mensen en dieren en de intensiteit waarmee zij dingen beleeft.

Zij houdt van bijzondere, oude plaatsen en gebouwen om in te werken; om zich verbonden te voelen met het verleden en met de mensen die op deze plaatsen hebben geademd, geleefd en gewerkt. Dit inspireert haar steeds opnieuw om werk te maken. Ook de liefde voor de natuur is een bron van inspiratie. De zon, de wind en het beleven van vrijheid in de ruimte van het landschap zijn belangrijke invloeden. Het werken vanuit een idee is daarbij van groot belang. Het werk ontstaat dus nooit zomaar, maar er liggen diverse ideeën aan ten grondslag; een thema soms uit de (kunst) geschiedenis of een gekozen thema. Daarnaast trekt het avontuur, de uitdaging zich zelf te ontwikkelen op diverse gebieden zeer, om zo ideeën verder te kunnen ontwikkelen, wat tot uiting komt in diverse disciplines. De uitwisseling met andere kunstenaars is daarbij van belang. Denk aan samen werken op een bijzondere locatie, in een gebouw of in de natuur.

‘Mijn inspiratiebronnen zijn poëzie, geschiedenis, liefde voor de mens en voor de natuur. En niet te vergeten muziek; klanken, geluiden en composities kunnen je ertoe aanzetten om iets te verbeelden.’

Op dit moment houd zij zich vooral bezig met grafiek (droge naald en etsen), tekenen en schilderen van dieren (vogels, katten en paarden in gewassen inkt) en figuratief schilderen op doek en paneel. Zij maakt voornamelijk figuratief werk in de richting van het expressionisme. Recent werk zoals de tekeningen in inkt zijn veelal geïnspireerd door bloemen en groeisels die haar fascineren zoals (verdorde) zonnebloemen, stokrozen en distels en alles wat leeft en dan vervolgens verdroogt, verdord en (half) wild is. Daarnaast zijn mooie plekken en gebouwen zoals molens, vijvers en bruggetjes over water inspirerend.

‘Mijn droom is me vrij te voelen in mijn expressie, en contact te voelen met het hogere en met God in de natuur. Doel van mijn werk is mensen te inspireren en aan te zetten tot andere en misschien mooiere gedachten.’

Werkwijze

Gwendolyn van Essen werkt vanuit de verbeelding en visuele prikkels uit de werkelijkheid zetten haar aan haar werk te maken in verschillende disciplines. Kenmerkend voor haar werk is de soberheid en eenvoud. De kunstenares vindt het stileren van de vorm belangrijk. Vaak werkt ze naar model.

De tekeningen in inkt en  gewassen inkt worden gemaakt met Oost-Indische inkt, sepia en inkt in diverse kleuren met pen en penseel op papier. Het in een lijn neerzetten van de vorm is het uitgangspunt voor de modeltekeningen en de dierenseries.

Gwendolyn maakt verschillende soorten werk. Belangrijk, ja centraal is voor het tekenen, het in eenmaal opzetten van wat de kern van de voorstelling is, het er niet in kunnen knoeien en verdoezelen en overschilderen. Kortom het onherstelbare moment. De dierenserie in gewassen inkt (vogels, katten en paarden) gaat daarmee ook uit van een tekening in inkt. Vervolgens wordt de gewassen inkt tekening met inkt en water en soms andere technieken zoals aquarel verder uitgewerkt. Er ontstaat een fascinerend patroon van vormen en vlekken. 
Zo heeft zij een fascinatie voor de natuur, zowel flora als fauna en beiden zijn terug te vinden in haar werk. Ook is er sprake van een fascinatie voor landkaarten, die als een geabstraheerd patroon zijn terug te vinden in sommige werken met een floraal thema. 

De grafiek is voornamelijk diepdruk, een droge naald (ets) en aquatint. Meerdere werken bestaan uit een Irisdruk waarbij in een afdruk gebruikt wordt gemaakt van meerdere kleuren inkt met een vloeiende overgang. Geen enkele Irisdruk is daardoor het zelfde!  Daarnaast ook een beperkte oplage vanwege de kwetsbaarheid van het gebruikte materiaal.
De materialen bestaan voornamelijk uit kartondruk, plexiglas, aluminium en zink.   

De meeste olieverven worden in verschillende sessies geschilderd. De kunstenares laat zich leiden door spontane invallen en vrije associaties wat tot uiting komt door de schilderwijze en vaak ook door het kleurgebruik. Het werk wordt gekenmerkt door expressie en spiritualiteit en is soms sprookjesachtig en poëtisch van aard. Het gaat in eerste instantie daarbij niet om het afbeelden van de zichtbare werkelijkheid. Veel belangrijker is de gedachte of het gevoel dat uit het werk naar voren komt waarin vorm wordt gegeven aan eigen beleving en gevoelens. Belangrijk hierbij is een bepaald gebruik van vormen en kleuren die niet altijd een relatie met de zichtbare werkelijkheid hebben.
Algemene stilistische kenmerken van het werk zijn het gebruik van felle kleuren, royaal gebruik van verf en vereenvoudigde vormen.  

Inspiratiebronnen

Belangrijke inspiratiebronnen zijn het expressionisme en het luminisme als stroming en ondermeer de volgende kunstenaars: Maria Sybilla Merian, Paul Klee, Wassily Kandinsky, Piet Mondriaan en Jacoba van Heemskerck, de tekeningen van Auguste Rodin en Leonardo da Vinc

‘Mijn werk gaat over verlangen naar een mooiere wereld en ik zie deze verbeeld in de schoonheid van de natuur, van bloemen en bladeren en in de dierenwereld. Bijna naar het verloren paradijs. Een afbeelding van mijn werk is ook opgenomen in een bijzonder boek van Harm de Jonge: ‘Mijn moeder is een paradijsvogel’. Uitgeverij Hoogland & van Klaveren. Een knap boek over verwondering uit september 2015. 

Anderen over mij

De Nederlandse Amerikaanse kunstenares en schrijver Shoshannah Brombacher zegt het volgende over mijn werk: ‘Wat ik zo mooi vind aan jouw vogels in bruine inkt is dat ze op een of andere manier de wolken en wind in zich meedragen’.

In de recensie van Susan van den Berg in de Leeuwarder Courant 13 februari 2015 is het volgende geschreven:

‘Onvoorspelbaar en organisch, bloemen, planten, bomen en beesten…

De huidige dubbeltentoonstelling in It Frysk Skilderhûs leest als een ode aan de schoonheid van de natuur.
Waar Mariëlle Buckinx pronkt met andermans veren, en ze dieren introduceert van gejut materiaal, tovert Gwendolyn van Essen een wereld tevoorschijn die vooral intrigeert wanneer ze zich focust op het onvoorspelbare en het organische. Zodra ze zich beweegt in een woud van grillige stengels, woeste bloemen, priemende takken en overvloedige gebladerte, gebeurt er iets bijzonders. Het is alsof je gevangen wordt in een dwaaltuin van vormen en kleuren. In het beste geval wordt een tekening zo een verhaal op zich.’

Van Essen werkt met kroontjespen en (soms gekleurde) inkt op handgeschept papier. De onregelmatige ondergrond zorgt samen met de geconcentreerde composities en de nauwgezette tekenwijze voor een tijdloze natuurbeleving die past in een oude traditie van florale studies. Niet voor niets wordt Maria Sybilla Merian als een belangrijke inspiratiebron genoemd, hoewel haar tekeningen een sterk entomologisch karakter hadden. Van Essens werk kent decoratieve aspecten en brengt daarom meer de aquarellen van Charles Rennie Mackintosh in herinnering. Haar ondoordringbare Rozenstruik, doet onwillekeurig denken aan The harvest moon van de Schotse meester, door dat onderling verwante doolhof met takken en doornen.

In Stokrozen zijn de bloemen nog netjes naast elkaar geplaatst, maar in Verdorde zonnebloemen heeft Van Essen de vormen veel dynamischer op het vlak gezet. Hierdoor wint de verbeeldingswijze aan zeggingskracht. Datzelfde geldt voor Bloeiende distels, waarin overzichtelijke arceringen en natuurgetrouw kleurenpalet zijn geweken voor een suggestieve schetsmatigheid, waarin lang niet alles is uitgewerkt.
Het is jammer dat de kracht van het één – de sterke tekeningen – lijdt onder de vrijblijvendheid en veelzijdigheid van de andere geëxposeerde werken. Het is alsof Van Essen te veel wil laten zien, in uiteenlopende onderwerpen, materialen en technieken. Haar geaquarelleerde Avondbloemen verdrinken in de verf en in Gele bloemen (een droge naald ets) lijken de kelken door hun platte voorkomen wel op spiegeleieren. Het tweeluik Zonnebloemen is met olieverf op doek gezet. De toets is lekker los en de krassen in de verf zorgen voor een aardig effect, maar het geheel blijft de uitstraling behouden van een materiaalexperiment.
Dan zijn er ook nog dierenportretjes. Die zijn weliswaar charmant, maar de muisjes (kleine, gekleurde aquarelletjes van 7 bij 7 centimeter) moeten het vooral hebben van hun ludieke wijze van exposeren: speels onderaan de muur en dichtbij de plint, alsof ze op zoek zijn naar een geheim holletje. Dan zijn er de tekeningen van gewassen inkt (Merel en Lammergier) interessanter om te zien, maar terwijl de versnippering van het geëxposeerde groeit, neemt de onderlinge samenhang verder af….

Openingsspeech door dr. Hans van der Sande voorzitter Galerie Forma Aktua Pinakotheek op 25 mei 2014:

‘Gwendolyn van Essen is geboren in Schiedam, maar ze speelde nauwelijks in de straten van Schiedam en voelde zich nauwelijks Schiedamse….. Want toen ze heel jong was verhuisden haar ouders naar Eelde en daar groeide ze op. Ze bezocht het Maartenscollege en ging daarna studeren aan de RUG. Geschiedenis koos ze en ze heeft die studie met succes voltooid. De eerste baan had nog veel met geschiedenis te maken, maar begaf zich toch al wat in de richting die ze uiteindelijk koos: de kunst. Ze werkte in Westerbork als collectiemedewerker. Met elke nieuwe carrierestap schoof ze verder in de richting van de kunst, maar in haar persoonlijke leven was ze allang kunstenares. Geen wonder als vader en moeder sterk kunstzinnig zijn, iedereen in het gezin tekent en een opa en een van de ooms kunstenaar zijn.

Ze werd dus kunstenaar en werd lid van de Groninger Kunstkring de Ploeg en later van het collectief de Noordelijke Kunstenaars. Haar eerste functie als kunstenaar was misschien wel het vier zomers achtereen “artist in residence” zijn in een Fries kerkje. Hier verloor ze niet alleen definitief haar hart aan de kunst, maar ook aan Friesland. Ze werd lid van FRIA een Friese kunstenaars vereniging.

Gwendolyn maakt verschillende soorten werk. Belangrijk, ja centraal is voor haar het tekenen, het in eenmaal opzetten van wat de kern van de voorstelling is, het er niet in kunnen knoeien en verdoezelen en overschilderen. Kortom, het onherstelbare moment. Toch maakt ze ook veel schilderijen, waarvan u hier mooie voorbeelden ziet. Bovendien doet ze nog aan de moderne kunstvorm die zich eerder op ideeën dan op beelden concentreert. Zo heeft ze een fascinatie voor sleutels, oude sleutels, die zoals u weet tegelijk bewaarders en onthullers van mysteriën kunnen zijn.

Een blik door het sleutelgat op haar wonderwereld toont u achtereenvolgens Geabstraheerde bloemen en tuinen, Vrouwenportretten (ze heten alle Maria) en enkele grote kleurstudies waarin figuren zijn verborgen die wachten op wie hen ontdekken zal. Vooral in deze laatste soort zien we de invloed van poëzie, en van de zoektocht naar geluk. Koop er een en u wordt gelukkig. Ze zijn gelukkig nog niet duur ook!

Gwendolyn is een veelzijdige vrouw, wetenschapper en kunstenaar tegelijk. Die kunst is niet alleen picturaal, maar ook de andere muzen komen aan bod. Ze zingt voor U; ‘Caro mio ben’.’

Copyright © 2020 Gwendolyn van Essen